|
De Baarlse
Archipel
De Baarlse Archipel ligt in het midden van de Thalassa,
ongeveer halverwege tussen het Dardaanse Rijk en het
Imperium Laudanum. Het was ook deze omineuze ligging die de
lotgevallen van de eilanden door de eeuwen heeft bepaald.
De archipel bestaat uit een groep eilanden rond de
0-meridiaan, waarvan er drie groot genoeg zijn voor
permanente bewoning. Ruim 400 mijlen oostwaarts ligt het
eenzame vulkaaneiland Itchan. Dit is niet permanent bewoond,
omdat dat te gevaarlijk is vanwege de actieve vulkaan. Nog
in historische tijden is bij een zware uitbarsting een deel
van het eiland in zee geschoven, waarbij een zware vloedgolf
talloze slachtoffers maakte, vooral aan de Azulische en
Cappicische kusten.
Ook de andere eilanden zijn vulkanisch, maar deze vulkanen
slapen over het algemeen. Het grootste eiland heet Baerle.
Hier is ook het internationale conferentiecentrum opgericht
dat de archipel zijn huidige faam en het merendeel van zijn
inkomsten verschaft. Op het tweede eiland, Zondereygen
geheten, liggen de logementen van alle onafhankelijke naties
van Thalassa. Het derde eiland is Uilecutten. Op dit eiland
wonen de meeste oorspronkelijke bewoners van de archipel en
hier zetelt de Baarlse regering.
De eilanden zijn bergachtig en grotendeels bebost. Op de
kustvlaktes is land- en tuinbouw mogelijk, waarvan de
producten nu gretig aftrek vinden bij de internationale
bezoekers. Verder is er visserij in de omringende zee. Op
Uilecutten wordt aardewerk geproduceerd. Tenslotte wordt er,
met name op Itchan, guano gewonnen.
Geschiedenis
Over de oorspronkelijke bevolking is weinig bekend. We
weten dat de eilanden in oeroude tijden bewoond waren, omdat
ze door de Dardaanse kooplieden werden bezocht. De
voorouders van de huidige Baarlingen waren, gezien de aard
van hun taal, duidelijk van Germaanse afkomst. Vermoed wordt
dat ze tijdens de Germaanse Volksverhuizingen rond 1500 ante
B.C. uit het huidige Histairja hierheen zijn gevlucht.
Sindsdien zijn de eilanden een speelbal geweest van de
wisselende rijken die de Thalassa hebben beheerst: de
Laudanen, de Dardanen, de Azuliërs. Steeds als de Baarlingen
weer zeilen aan de horizon zagen verschijnen, wisten ze weer
hoe laat het was. Ze moesten zich dan weer op nieuwe
meesters instellen.
Als zo'n macht zich eenmaal stevig had gevestigd, werden de
eilanden meestal wel met rust gelaten, want behalve een
strategische ligging was er niet veel te halen. Maar
gedurende de Dardaans-Laudaanse oorlogen die in 32 ante B.C.
waren begonnen, bleven de kansen maar op en neer gaan en
kregen de Baarlingen er tenslotte schoon genoeg van. Na de
zoveelste invasie, dit keer van de Laudanen, kwam het tot
heftige rellen, waarbij een deel van de Laudaanse vloot in
brand werd gestoken en de admiraal publiekelijk uitgekleed
en in een sloepje in zee werd gezet. De Laudanen zonden een
strafexpeditievloot, maar die werd opgevangen door weer een
Dardaanse vloot, waarna het tot de zoveelste zinloze zeeslag
kwam die geen winnaar kende.
Toen hadden ook de strijdende partijen er genoeg van. Zij
besloten besprekingen te beginnen om hun uitzichtloze
conflict te beëindigen, en zij deden dit op Baerle. Bij wie
het idee opkwam is niet bekend, maar op een mooie dag werd
bedacht dat deze archipel de ideale plek zou zijn om alle
problemen tussen de beide landen te bespreken. En de
geplaagde Baarlingen waren het daar roerend mee eens en
suggereerden de partijen hun eilanden dan maar meteen
zelfstandig te verklaren. Dat ging de Dardanen en de
Laudanen nog even te ver, dus uiteindelijk kwamen zij
overeen van de archipel een gezamenlijk Condominium te
maken, met een tweehoofdig bestuur door vertegenwoordigers
van beide rijken: de Laudaanse Duce (Hertog) en de Dardaanse
'Nassau' (Graaf). Dit werd beklonken in het jaar dat
sedertdien als het jaar 0 ABC (Ab Barlaea Condita) wordt
aangehouden. Na de laatste Laudaans-Dardaanse oorlog
(166-168 ABC) riepen de Baarlingen uiteindelijk toch hun
onafhankelijkheid uit als het Condominium Baerle en Itchan,
met steun van een keur van andere staten op Thalassa. Als
staatshoofden in dubbelaanstelling werden de Hertog en de
Nassau gehandhaafd, maar dit werden erfelijke functies,
uitgeoefend door twee aanzienlijke Baarlse clans, resp. de
Scherpenbergen en de Capellet's. Grondwettelijk werd
vastgelegd dat de Hertog in de even jaren (ABC) de baas zou
zijn en de Nassau in de oneven jaren. Meestal werken de
heren redelijk samen, omdat ze weten dat ze elkaar nodig
hebben. De families delen het Condominiale paleis, waarvan
zij elk een vleugel bewonen. Tijdens de jaarwisseling vindt
met groot ceremonieel de overdracht plaats van de sleutel
van de troonzaal, die het centrum van dit paleis vormt.
Het
Internationale Territorium
In 170 ABC werd een internationale conferentie belegd
door de landen die de Baarlse onafhankelijkheid hadden
gesteund of aanvaard, en daar kwam men met de Baarlingen
overeen, in ruil voor een niet onaanzienlijke jaarlijkse
toelage, waarover geen mededelingen werden gedaan, om van de
eilanden Baerle en Zondereygen een Internationaal
Territorium te maken. Ieder land kreeg de soevereiniteit
over een stukje van Zondereygen en het recht daarop
opstallen te bouwen om onderdak te verschaffen aan
delegaties uit het moederland, die voor besprekingen of
internationale conferenties op Baerle komen.
Het dagelijks bestuur zou worden gevoerd door de Baarlse
regering, maar het beleid wordt bepaald door het Consilium
Commissarium (de Raad van Commissarissen), waarin alle
soevereine naties van Thalassa zijn vertegenwoordigd. Deze
Raad wordt beurtelings voorgezeten door de Hertog en de
Nassau, die echter zelf geen stemrecht hebben.
De meeste grote
landen hebben een vaste ambassadeur op Baerle gestationeerd.
Bij serieuze besprekingen worden grotere delegaties
ingevaren en sturen ook kleinere staten één of meer
vertegenwoordigers. Twee keer per drie jaar wordt een
'Gemeene Internationaale Conferentie' (GIC) gehouden, waarop
iedere natie zaken van algemeen belang ter bespreking kan
inbrengen. Op deze Conferenties kunnen internationale
verdragen worden overeengekomen, die echter alleen
rechtsgeldig zijn voor de naties die deze geratificeerd
hebben. Deze Conferenties hebben dus generlei rechtsmacht,
en de meeste landen staan hier ook op. In politieke
toespraken van staatshoofden wordt veelvuldig op gevoelige
toon gewag gemaakt van dit 'Subsidiariteitsbeginsel', en het
ziet er naar uit dat het nog wel enige eeuwen zal duren
voordat de naties bereid zullen zijn ook maar een millimeter
van hun soevereiniteit op te geven. De Conferenties blijken
echter toch wel hun nut te hebben. Soms wordt er wel eens
een conflict in der minne geschikt, en het is altijd goed
als de naties elkaar af en toe eens in de ogen kijken.
De officiële taal, zowel van de Baarlingen als op de
(algemene) internationale conferenties, is het Baarls. Dit
is een van oorsprong Germaanse taal die door eeuwen
isolement van haar brongebieden een geheel eigen karakter
heeft gekregen. De internationale conferenties worden
gefaciliteerd door een tolkendienst, die voor vertalingen in
alle officiële talen van elk van de soevereine naties zorg
draagt.
Een probleem dat
al snel na de instelling van het 'Internationaal
Territorium' rees, was de definitie van het begrip
'Soevereine Natie'. Geregeld meldden zich vage lieden die
beweerden de vertegenwoordiger te zijn van één of andere
entiteit, waarvan zij beweerden dat het een staat was, maar
waarvan weinigen hadden gehoord, en waarvan het bestaan door
anderen woedend werd bestreden. In het jaar 189 ABC besloot
de GIC een lijst voor te stellen van alle soevereine naties
op dat moment, en reeds drie jaar later werd consensus
bereikt over deze lijst. Een mijlpaal in de Thalassaanse
internationale diplomatie! Vervolgens werd in datzelfde jaar
192 besloten dat nieuwe naties als soeverein zouden worden
aanvaard, met alle rechten en plichten van dien, wanneer zij
door negen bestaande soevereine naties als zodanig formeel
zouden zijn erkend, en deze erkenning op een GIC zou zijn
vastgelegd en geformaliseerd. Tevens werd vastgesteld dat
(deel)staten die deel uitmaken van een Bondsstaat of
Statenbond die zelf geleid wordt door een soevereine
regering met rechtsmacht over haar territorium,
volkenrechtelijk zouden gelden als ondergeschikt aan deze
Bondsregering en derhalve niet als soevereine staten worden
erkend binnen dit verdrag.
Sinds de laatste Conferentie, in het jaar 638 ABC, omvat de
officiële lijst van soevereine naties, die daarmee het recht
hebben op deelname aan internationale conferenties en op een
eigen territorium op Zondereygen, de volgende naties:
|
Natie: |
|
De
Verenigde Staten van Aïchion |
a |
|
Atlénia |
a |
|
het
Condominium van Baerle en Itchan |
a |
|
Cartán |
a |
|
het
Dardaanse Rijk |
a |
|
Forgos |
s |
|
Histairja |
a |
|
Iantai |
a |
|
IJzerland (Eisarnelandis Þiudinassus) |
a |
|
het
Imperium Laudanum |
a |
|
La
République de Manique |
a |
|
Marar |
a |
|
los
Dominos Unitos Res Publice de Milantica |
a |
|
Norestre |
a |
|
Sainte
Montagne |
a |
|
Sevosetië |
a |
|
de Unie
van Sicherland |
a |
|
de
Unie van Ymír |
a |
Vertegenwoordigers en delegaties van de soevereine naties
hebben onbelemmerd toegang tot hun eigen territorium op
Zondereygen en recht van overpad op het Gemeenschappelijk
Internationaal Territorium. De delegaties bij Conferenties
op Baerle zijn gebonden aan een per Conferentie nader
overeen te komen maximum aantal leden.
Op de eilanden Baerle en Zondereygen is het invoeren en
dragen van wapens niet toegestaan. Ook het in bezit houden
van kostbaarheden, zoals juwelen en staatsparafernalia, en
geldbedragen hoger dan 1000 sestertiën, is verboden. Dit om
omkopings-praktijken te verhinderen. De vertegenwoordigers
van alle staten dienen zich bij aankomst te onderwerpen aan
visitatie en moeten hun wapens en kostbaarheden in bewaring
geven voor de duur van hun verblijf.
De orde en rust op Baerle en Zondereygen worden gehandhaafd
door de Gemeene Veiligheidsdienst, onder bevel van een
halfjaarlijks wisselend commanderend driemanschap, dat bij
toerbeurt anderhalf jaar lang door politieofficieren uit
vertegenwoordigende staten wordt bekleed. Elk half jaar
wordt de langszittende commandant vervangen. Het
driemanschap beslist bij meerderheid van stemmen. |