|
CULTUREEL ERFGOED IN DE AGL
terug naar
Cultuur (hoofdmenu)
De AGL organiseert op
gezette tijden een aantal culturele evenementen. Zo wordt er
jaarlijks een
Culturele Hoofdstad aangewezen en vinden er eens in de
vier jaar
AGL-Spelen en
voetballandenkampioenschappen plaats in
Liga-verband. Verder houdt de AGL een lijst van
Cultureel Erfgoed
bij.
ÎLE DE ROMANHE
2009:
Betonnen kathedraal Saint Niklas uit 1951 te Port de
Boiguehenneuc.
2009:
Fosse Anglaise – de stad en het openluchtmuseum voor de
walvisvaart.
2009:
Réservoir de l’Eau Bleue.
2009:
Ruďne van de 19e eeuwse citadel van Port Augurq.
2009:
Vuurtoren op Île de Marion – In de volksmond wordt deze uit
1897 stammende toren L’érection de Dieu genoemd.
2010:
Piton du Soufre Fétide – nationaal park.
INSULANTIS
2009:
Abdij van Herfarum – Na de bekering van Insulantis tot het
christendom in 1526 door Vincentius da Cunha, werd in 1568 de abdij
gesticht door Herceus Abdarius I. In 1532 onstond er een nieuwe
christelijke kerk in Insulantis die van mening was dat de kerkelijk
leider van de christenen geen wereldlijke macht behoort te hebben.
Na het Verdrag van Lateranen, waardoor het Vaticaan werd gereduceerd
tot dwergstaatje, heeft de Herceďsche Kerk zich weer bij de
Katholieke Kerk gevoegd, omdat zij nu geen wereldlijke macht meer
had. Geheel Insulantis behoorde in de periode van 1532 tot 1929 tot
de Herceďsche Kerk. De abdij wordt gezien als een historisch
bouwwerk en is de oudste abdij van Insulantis en het teken van het
christendom in Insulantis. Sinds de geloofscrisis van 1954 is het
Katholicisme in Insulantis meestal slechts geregistreerd; in feite
is men tegenwoordig atheďstisch.
2009:
Populipons – De Populipons is een plaatsje in de
heuvels van Aestontus. Oorspronkelijk waren het twee plaatsjes aan
dezelfde kant van een beekje; Eretria en Erichtonius. In 1121
bepaalden de burgemeesters dat de dorpjes maar samengevoegd moesten
worden, omdat de plaatsjes samen recht zouden hebben op een hogere
school. Omdat de plaatsjes nogal in een zeer heuvelig gebied liggen,
kon slechts op twee plaatsen de school gebouwd worden: ten noorden
van Erichtonius of ten zuiden van Eretria. Maar de bevolking van het
dorp waar de school niet zou komen, moest dus door het andere dorp,
en dat vond men niet zo leuk. Zo werd door loting besloten in 1123
te beginnen met de bouw van de school in Eretria. De bevolking van
Erichtonius was het daar niet mee eens, maar ging geen geweld
plegen; ze gingen eigenwijs de hoofdstraat van Eretria stukmaken om
een brug te bouwen. De overheid greep in en bouwde zelf de brug. Nu
is het centrum van Eretria nog steeds overdekt door de brug, en
sinds 1126 het oudste winkelcentrum ter wereld. Dit werd 'de brug
van het volk', en uiteindelijk werd Populipons zelfs de naam van het
stadje.
2009:
Porto Alexandrus – In 457 kwamen de Insulantiërs aan op
Insula Alexandrus en stichtten daar Porto Alexandrus, althans op de
dag erna, na de kroning van Alexandrus Tredantus. De haven van de
stad is gebouwd in 461 en sindsdien onderhouden, waardoor deze haven
nog steeds in goede staat is en in vrijwel originele staat, met de
pakhuizen uit de 470'er jaren. Dit klassieke 'Romeinse' erfgoed
wordt dus al anderhalf millennium door de Insulantiërs onderhouden:
zo leeft de Romeinse cultuur nog steeds voort.
2009:
Qua-moerassen – Rond het stadje Qua liggen moerassen en vele
eilandjes. Het eiland van Qua is een van de drie Insulae Tiberae
en er wonen niet veel mensen. Dit geeft in deze moerassen,
waardoorheen maar één weg naar de plaats Qua gaat, een zeer grote
biodiversiteit. Het gebied is niet open voor toeristen. Al jaren
beschermt de Insulantische regering het gebied; slechts
natuurwetenschappers mogen het gebied betreden. Wel zijn er enkele
zijwegen waarover toeristen kunnen rijden om iets meer van het
gebied te zien, maar vrijwel alles is gesloten en dat vindt men hier
erg belangrijk.
2009:
Templum Solis – De mythe vertelt, dat toen de eerste
voorvaderen der Insulantiërs aan land kwamen in Porto Alexandrus,
voor het eerst definitief hun botengroep in Cumae verlatend, de
eerste nacht der Stichters, een wilde nacht was, vol donder, zonder
bliksem. Toen Alexandrus Tredantus, een filosoof, 's nachts niet kon
slapen, kwam er een enorme bliksemflits op een berg van een ander
eiland terecht. Direct rende hij naar de geestelijke en deze
vertelde dat dit het teken van Apollo was, dat hij daar zijn tempel
wilde hebben. Neptunus en Apollo hebben ons in opdracht van Jupiter
hier gebracht en geven ons een nieuwe kans het verkeerde geloof van
het Christendom op te geven. Dit gebeurde ook; hun God beschermde
hen niet tegende barbaren en alles ging goed in hun rijk todat het
rijk christelijk werd. De Grote Augustus, met Apollo als
persoonlijke God, werd niet door de Hemelse Heer gestraft. Zodoende
leek het waar, dat de Romeinse Goden wel bestonden en achter ons
stonden. De volgende dag voeren de Insulantiërs naar Tribora, en
begonnen de bouw van de Templum Solis op de berg van Tribora. Na
voltooiing werd Alexandrus Tredantus keizer Alexandrus I Augustus
Caesar van Cumae. In 1526 werden de Insulantiërs, na vele bezoeken
van Portugese handelaren op heen- en terugreis naar Canton,
officieel herbekeerd tot het Christendom door de Portugese jezuďet
Vincentius da Cunha.
KARSTONIA
2009:
Apotekgatun, een 19e eeuwse straat in Öras.
2009:
Binnenstad van Marckfontänn – 18e eeuws.
2009:
Houten vakwerkhuizen te Järvsö.
2009:
Jarlstürn – 12e eeuwse Jarlstoren te Marckfontänn.
2009:
Köngholma – koninklijk paleis te Marckfontänn.
2010:
Lijfse taal.
KRONENBURG
2004:
Arena – Het grote plein in Friescheburg was eertijds een
klein meertje (of een grote vijver). De eigenlijke bodem an dit
meertje is thans een plein dat deel uitmaakt van het grootste
winkelcentrum van Kronenburg en toegang biedt tot het Friescheburgse
openbaar vervoer. In 1999 werd de koepel voltooid die het plein
overdekt. Op architectonisch gebied was het plein dé attractie van
de stad, toen Friescheburg in 1999 Culturele Hoofdstad van de AGL
was.
2004:
Iris - Dit eiland is bijna ongerept. Bijna, want in de vroege
achttiende eeuw stichtten kolonisten aldaar het dorpje Den Draai.
Sinds de stichting is aan dit dorp nog nauwelijks iets veranderd: de
huizen - er komen maar zelden gebouwen bij - worden nog steeds van
hout gebouwd. Sanitaire voorzieningen bestaan er pas sinds het einde
van de jaren '80. Momenteel gaat het dorp echter gebukt onder een
zware bevolkingsafname: jongeren vertrekken bijna allemaal naar 'de
stad' en de gemiddelde leeftijd ligt sinds 2002 boven de 50. Het
eiland valt administratief onder de gemeente Dietzland; het
gemeentebestuur aldaar vreest dat binnen twee decennia het dorp
compleet is uitgestorven.
2004:
Koninginnebruggen – Deze bruggen verbinden de stad Marianne
met het Westereiland. Het zijn architectonische wonderen. Ze werden
in 1951 voltooid naar een ontwerp van de Kronenburgse architect Piet
Tilman (1896 - 1974).
2004:
Standbeeld van Koningin Marianne – Dit standbeeld aan de
noordelijke oever van het Centrale Eiland waarop Alexanderstad
gebouwd is, werd onthuld in 1960 ter nagedachtenis aan de koningin
die Kronenburg gedurende 74 jaar geregeerd heeft (van 1879 tot
1953). Het is ruim honderdtwintig meter hoog en kijkt uit over het
centrum van de stad.
2004:
Weiland van Boer Harmsen - In de negentiende eeuw weigerde
een plaatselijke landbouwer op het centrale eiland, waarop het
centrum van Alexanderstad gebouwd is, zich neer te leggen bij de
uitbreiding van deze stad. Ondanks diverse pogingen van het
gemeentebestuur om het eiland te kopen, bleef het tot op heden
gevrijwaard van bebouwing. Toen in 1980 de kleindochter van boer
Cornelis Harmsen, Aikje Cornelia, overleed, ging het weiland over in
een stichting die het weiland verder cultiveerde en het zelfs van de
gemeente gedaan kreeg om het autoverkeer om het weiland heen
drastisch te beperken om het daar woonachtige vee rust te gunnen.
Thans is het Weiland van Boer Harmsen een touristische attractie en
waarschijnlijk de grootste kinderboerderij van Noord-Amerika.
2007:
Havenkantoor van Kassel – Het dorp Kassel werd in 1749
gesticht op het gelijknamige eilandje tussen het Noordereiland en de
grote eilanden van Dietzland. Het havenkantoor is één van de oudste
gebouwen van het dorp; het stamt uit 1766 en is feitelijk het tweede
havenkantoor. Een eerder gebouw brandde in 1759 af. Het kantoor is
opgetrokken in de typische, eenvoudige kolonistenstijl uit de vroege
geschiedenis van Kronenburg.
2008:
Gaasterbaai - De Gaasterbaai vormt een voor Kronenburg uniek
natuurgebied op het eiland Koningin Annaland: tussen de stad Zurich
en het dorpje Gaast is de zee ooit via een smalle opening het land
binnengestroomd, waardoor een rustige baai is ontstaan waar diverse
vogels en andere diersoorten zijn neergestreken. Sinds de baai op de
AGL-Erfgoedlijst is geplaatst, is de pleziervaart in de baai
verboden, om de natuur verdere rust te gunnen.
2009:
Watertoren van Habsburg - De bescheiden skyline van het
plaatsje Habsburg in de gemeente Oranjewijk wordt in grote mate
bepaald door de Habsburgse Watertoren. Deze toren werd aan het eind
van de 19de eeuw gebouwd, maar werd nooit officieel in gebruik
genomen als watertoren, omdat een constructiefout de toren hiervoor
ongeschikt maakte. De toren stond een poos ongebruikt in het midden
van het dorp, tot hij in 1932 werd gekocht door een rijk lid van de
nationaal-socialistische partij (NSPK), die er een plaatselijk
partijkantoor stichtte. In 1941 werd de toren door de Amerikaanse
bezetters onteigend, waarna hij weer twintig jaar leegstond. In de
jaren '60 werd de toren gekraakt door kunstzinnige hippies, die er
keer op keer door de politie uit verwijderd werden, totdat ze in
1971 een proces tegen de locale overheid wonnen; aangezien de toren
al zolang leegstond en er geen concrete plannen voor waren, mochten
ze er blijven wonen. De Stichting Habsburgse Watertoren, die er nu
in geslaagd is de toren op de AGL-erfgoedlijst te krijgen, is
opgericht door de zoons en een dochter van twee leden van de
hippie-woongroep die na een ruzie in 1994 het pand moesten verlaten.
2011: Stadhuis van Engelbert - Dit gebouw aan het
Plein in Engelbert, dat overigens niet de functie van gemeentehuis
heeft (want het gemeentehuis van Dietzland bevindt zich in Portus
Regius), wordt in de volksmond het Sveinbjörnsráđhús genoemd,
naar de vanuit IJsland naar Kronenburg geëmigreerde architect
Ţórólfur Sveinbjörnsson, die het in 1957 ontwierp.
MII-EILANDEN
Haven van Itoo Umaki – De haven van Itoo Umaki is bekend
geworden omdat alhier James Cook landde en de Mii-Eilanden voor de
Engelsen ontdekte. In de haven is nog veel terug te vinden uit die
tijd. Naast deze geschiedkundige aspecten is de haven vooral beroemd
geworden doordat hij wordt gekenmerkt door het vermengen van de
Maori-cultuur en de Engelse cultuur. Moderne Engelse vindingen zijn
vermengd met traditionele Maori-gebruiken. Sommigen vinden dat in de
haven de toekomst van de Mii-Eilanden ligt: een samensmelten van
Maori-traditie en westerse vooruitgang.
Heksenheuvel.
Lemonshead Harbour – Akavanui Tasman.
Manorhouse te Turangi – Een stukje Engelse cultuur in
een verder weinig culturele stad. Het Manorhouse werd door de
Engelsen aan het eind van de negentiende eeuw gebouwd om te
imponeren. Het moest mooier, groter en hoger zijn dan de Marae van
Turangi. Het werd een echt Victoriaans gebouw, niet uit steen, maar
uit hout. Het is één van de weinige Engelse architectonische
gebouwen die nog op de Mii-Eilanden te vinden is. Het gebouw is
(overigens net als de Marae van Turangi) hard aan onderhoud toe.
Marae
van Tikeita
– Op het eerste gezicht is de Marae (gebedshuis) van Tikeita niet
bijzonder, maar wie verder kijkt, zal het schitterende houtsnijwerk
van de Miisaanse houtsnijder NGa Pollutii NGatutii ontdekken.
Pollutii is de grootste houtsnijder uit de Miisaanse geschiedenis.
Velen menen dat dit komt doordat hij blind was en daardoor beter de
stemmen van de voorouders in het hout kon horen. In de Marae zijn
houtsnijwerken van de eerste stamhoofden van Tikeita te vinden en
prachtige beelden van de goden.
Marae-Square, Turangi.
Natuurgebied in het noorden van O te Ika.
Natuurgebied in het noorden van O Vai Rere.
Palata-Dam, Avaava.
Parlementsgebouw, Turangi.
Te enua O atua Ra – Het Eiland van de God Ra. Op deze
onbewoonde atol woont volgens de mythen de zonnegod Ra, die een
belangrijke rol speelt in de Miisaanse cultuur. Het eiland is
onaangetast, waardoor de flora en fauna van ongekende schoonheid is.
NORLAND
2004:
Binnenstad van Hy – Een van de oudste 'steden' van
Norland. In het verleden woonplaats van diverse Deense
gouverneurs en nog altijd toneel voor 's werelds enige
schoenenmarkt.
2004:
Bjřrř – Het Schapeneiland. Eigenlijk een totaal andere
wereld. Rust, natuur en schoonheid vinden hier hun eenheid. Een
eigenzinnige bevolking die een dialect spreekt dat het midden
houdt tussen Noors en Deens.
2004:
Frřkensřer - De eilandengroep bij Antarctica behorend tot
de republiek Norland. Ondanks hun afgelegen ligging zijn ze van
onschatbare ecologische waarde. De unieke flora en fauna op deze
drie eilanden is nog nauwelijks aangetast door de mens. Behalve
een waarnemingspost is er geen bewoning op Heksř, Frřkensř en
Pingvinsř.
2004:
Store Skov – Het grote bosgebied in het noordoosten van
Norland. In het bos bevinden zich talloze kleine meertjes.
2004:
Universiteitscomplex van Newhatten – Een aantal originele
gebouwen van de in 1798 opgerichte universiteit verkeert nog in
haar oorspronkelijke staat. De gebouwen zijn nog steeds in
gebruik en worden met grote zorg onderhouden.
2010:
Norlandse schaap.
SEPPIË
2004:
Abdij van Clerse – De benedictijner abdij van Clerse,
halverwege Prisce en Corille, heeft als pronkstuk de romaanse
abdijkerk, één der oudste van Seppië, die de relieken herbergt
van de heilige Cei, de monnik die Seppië het christendom bracht.
De schatkamer, waar ook relieken van andere heiligen te zien
zijn, en de bibliotheek, die de oudste in het Seppisch
geschreven tekst bezit, zijn sinds kort ook voor het publiek
toegankelijk.
2004:
Binnenstad van Xillye – Het centrum van het wijnstadje
Xillye, dat stroomafwaarts vanaf Jarjana op de rechteroever van
de Jar ligt, wordt als geheel opgevoerd. Het stadje is nog
geheel ommuurd en het kasteel waaromheen de nederzetting
ontstond, is nog in tact, evenals het historische stratenplan en
de meeste huizen aan die straten. Wat Xillye extra charme geeft,
is de ligging op een heuvel en de bijgevolg sterk hellende
straten. De stadswijk direct aan de rivier, aan de voet van de
heuvel en buiten de muur, is cultuurhistorisch even belangrijk
en wordt als deel van het centrum opgevoerd. Een belangrijk
element hier is de brug over de Jar.
2004:
Dom van Sprics – De dom van Sprics is één van de drie
belangrijke hooggotische kathedralen van West-Seppië. Elders in
het land kan alleen de kathedraal van Jarjana met dit drietal
wedijveren, terwijl Drinai, Bruly en Rento in het oosten een wat
oudere fase vertegenwoordigen. Die van Sprics, gewijd aan St.
Ninge (Nicolaas), de beschermheilige van de zeevaarders, is
uitverkoren vanwege zijn unieke status als westelijkste
vertegenwoordiger van de gotiek in Europa. De restauratie van
het indrukwekkende westfront is onlangs voltooid. Hierbij is het
beeldhouwwerk (in een havenstad waar de westenwind vaak stevig
waait) weer in oude luister hersteld. De dom heeft, in
tegenstelling tot zijn wat grotere evenknie in Jugan, een toren
met een rijzige spits. Deze meet 108 meter, is daarmee op één na
de hoogste van Seppië en fungeert als blikvanger in het silhouet
van Sprics, zoals dat vanaf zee oprijst.
2004:
Nationaal Park Toince - Toince is de naam van de enige
rivierdelta die Seppië nog heeft, die van de Dufri in het
uiterste noordwesten van het land. Waar de moerassen aan de
monding van de Jar twee eeuwen geleden ontgonnen zijn, kon
Toince worden behouden, doordat de Dufri sinds het eind van de
middeleeuwen niet meer wordt bevaren. Veel watervogels kiezen
dit gebied als broedplaats, maar ook otters en bevers komen er
voor.
2004:
Vuurtoren van Wrasiex – De zestiende-eeuwse vuurtoren van
het vissersplaatsje Wrasiex, ten zuiden van Soprito aan de
oostkust van Seppië, is de oudste van het land. Waar
soortgelijke torens in de buurt gemoderniseerd of gesloopt
werden, raakte die van Wrasiex in onbruik, om recentelijk in
zijn oude staat te kunnen worden gerestaureerd.
2005:
Praug Walneigbrug in Gioul – Deze brug over de rivier de
Royes werd in 1909 ontworpen door Praug Walneig (1877 - 1924) en
draagt sinds diens dood zijn naam. Walneig was de voornaamste
Seppische architect van zijn tijd. Gedurende de eerste helft van
zijn loopbaan was hij het boegbeeld van de jugendstil in Seppië,
waarbij hij zich richtte op Duits-Oostenrijkse voorbeelden: hij
was een leerling van de Oostenrijker Otto Wagner. De keus viel
op de brug, omdat deze nog geheel in tact is en bovendien
onlangs werd gerestaureerd. De stalen, groene brug, die vier
bogen heeft, bevat veel interessante details, waarvan de reliëfs
op de vier stenen zuilen het opvallendst zijn. Ze verbeelden de
vier elementen en zijn van de hand van Inper Sallög.
|